Vandaag een jaar geleden was ik schrijver van de maand bij mijn uitgeefpartner PUMBO. Daarom hierbij de integrale versie van het interview. Het origineel lees je hier: https://www.pumbo.nl/blog/auteur-van-de-maand/auteur-van-de-maand-otto-wijnen. Omdat ik razend tevreden ben over PUMBO raad ik iedereen met uitgeef-plannen met klem aan om contact met ze te zoeken. Compleet in aanbod, hoog in service, scherp in prijs. Echt een aanrader! www.pumbo.nl

Deze maand hebben we Otto Wijnen – auteur van het boek ‘Help! Ik moet spreken’ – geïnterviewd. In zijn boek reikt hij je de handvatten aan voor het geven van een boeiende en gedenkwaardige presentatie én leert hij je hoe je voortaan niet meer met klamme handjes en knikkende knieën op het podium staat. Bekijk de video als je benieuwd bent naar de ervaringen van Otto Wijnen met het schrijven, uitgeven en promoten van zijn boek.

Auteur van de maand: Otto Wijnen – Pumbo.nl

Ik ben Otto Wijnen, ik help bevlogen professionals door hun boodschap met echtheid, emotie en energie bij hun doelgroep te krijgen. En één van die middelen daarbij is mijn nieuwe boekje, de basisgids ‘Help! Ik moet spreken’, wat sinds deze zomer uit is.”

Wat was voor jou de drijfveer om dit boek te schrijven?
“Ik was al enige jaren als spreker actief op congressen. En daar mag je de crème de la crème van Nederland op het podium zien: CEO’s, managers… En daar kom je op congressen waar veel geld is besteed aan aankleding, aan uitnodigingen, aan catering, aan verzorging, alles erop en eraan. En dan komt de CEO en die houdt een verhaal en dan denk ik: hoe kan dit? Hoe kan iemand op dit niveau functioneren en dan net niet in staat zijn om die verbinding te maken met de zaal? Hoe kan het dat hij niet weet hoe dit moet? En nadat een paar jaar aangezien te hebben, ben ik mij erin gaan verdiepen en omdat ik natuurlijk zelf steeds meer ervaring kreeg als spreker, kwam ook de vraag naar mij, van: “Kun jij mij een keer helpen?” Dus de rol van spreker naar coach, of die rolverandering van spreker naar coach, dat ging eigenlijk al automatisch door het toenemen van mijn ervaring en het toenemen van de vraag. En uiteindelijk ben ik mijzelf daarin gaan scholen, school voor presentatiecoaching gevolgd, allerlei trainingen gevolgd, twee jaar terug naar Amerika gegaan voor ‘the world’s greatest speaker’-training. Enfin, al die kennis verteerd, vertaald naar de Nederlandse markt. En daar is de ‘Help! Ik moet spreken’ uit voortgekomen.”

Wanneer is het boek uitgekomen en hoe lang heb je eraan gewerkt?
“Hij is nu twee weken uit. Goed en wel. En de eerste pennenstreken – zoals het zo heet – die stonden echt drieënhalf jaar geleden al op papier. Toen nog onder een andere noemer. En uiteindelijk na een gesprek met een marketeer, die het hoorde het en zei: “Je moet het anders noemen, je moet de pijn benoemen!”, dus vandaar: ‘Help! ik moet spreken’. Omdat dat toch wel, ook in retrospect, van de mensen die het nu gelezen hebben, is van, ja, het klinkt wat basaal en wat simpel, maar feitelijk is dat wel waar het om gaat. Als je dan ook als ietwat ervaren spreker die datum ziet naderen, van: oh, donders! Ik moet daar wel goed staan. Help! Ik moet spreken. Dus die naam snijdt hout.”

Wat is voor jou de essentie van schrijven?
“Het biedt mij de mogelijkheid om mijn kennis te delen, om mensen te helpen. Op een manier die, ondanks alle mogelijkheden van het internet en ondanks webinars, op een hele andere manier bij mensen binnenkomt. Kijk het schrijfproces zelf is dankzij een heel mooi gezinsleven verschrikkelijk verbrokkeld geweest. Dus ik heb geen romantische herinneringen aan mijzelf opsluiten in een hutje op Vlieland en dan twee weken schrijven. Het schrijfproces zelf, daar heb ik geen prachtige definitie van. Maar de reden dat ik ben gaan schrijven is om mijn kennis op een andere manier bij mijn doelgroep te krijgen. Minder vluchtig. Meer blijvend.”

Wat kan het schrijven moeilijk maken?
“Het gezinsleven om daarmee te beginnen. Ik ben een – als je alle testjes doet – ben ik een nogal creatief type, een nogal zich uitend type en dat staat meestal haaks tegenover mensen die heel gestructureerd en geordend zijn. Dus wat het schrijven moeilijk maakte is, het keer op keer terug in je materie komen, terug die lijn blijven zien van de hoofdstukken, van: waar wil je naartoe? Wat is het beginkennisniveau? Wat is het eindkennisniveau van je lezers? En dat ook in kleine stapjes per hoofdstuk. Dat is pittig. Het verschil tussen spreken en schrijven is dat op het moment dat je een woord uitgesproken hebt, kun je zien wat de reactie is en je kunt eventueel daarop verduidelijken en er iets aan toevoegen. Het schrijven van een tekst op een website, dan zit je dat de ene dag te schrijven en dan kijken er misschien twee mensen naar en de volgende dag denk je: oh, dat is toch een beetje ongelukkig, ik pas het aan. Bij een boek… dit is mijn proeve, dit is mijn PhD, dit is mijn masterscriptie, dit is voor eeuwig, hier word ik op afgerekend, voor mijn gevoel, althans. Ik wil dat ik hierop afgerekend word, want dit is het beste wat ik op dit moment kan, dit is mijn kennis zoals ik die nu heb. Ik heb twee dummy’s laten maken, ik heb ze weet ik veel hoeveel keer laten herlezen, want dit moet goed zijn. En dat is een hele andere energie en een heel ander criterium dan een speech of een presentatie. Ja, heel suf, maar dat is het. Omdat het niet vluchtig is.”

Hoe heb je het uitgeefproces van je eigen boek beleefd?
“Het uitgeefproces was, ja, een beetje clichématig, dat inderdaad toen die boeken uiteindelijk op de keukentafel stonden, dat ik zoiets had van: oh, wauw, nu ben ik auteur, nu staan er opeens vijfhonderd boeken, wauw, helemaal gaaf. Pas toen – het was net in de vakantieperiode – pas toen de boeken beschikbaar kwamen, ook bij Bol en bij Managementboek… en dat je opeens jezelf ziet in die zoekquery en dat het resultaat ook gevonden wordt. Dat was ook wel een kwartje wat viel van: oh, het is echt! Ik ben nu gewoon auteur en ik heb een boek en daar gaat je rug wel van rechten, dat is wel heel bijzonder. En het gemak waarmee dat tegenwoordig kan, mede dankzij Pumbo, ongelooflijk. Voorheen, ik kan mij voorstellen dat je tien, vijftien jaar geleden bij het schrijven van een boek een enorme mallemolen door moest. En met bijbehorende kosten en dit gemak, ja, kan ik iedereen met wie ik praat, elke kennis, expert, die ik in mijn omgeving heb zeggen: “Jongens, ga een boek schrijven!” Bundel wat je hebt en stuur het naar Pumbo en maak er een boek van, want het geeft je zo’n vliegwiel. Ja, ik merk gewoon coachees die nu bij mij komen, die het boek gelezen hebben, dat coacht heel anders. Ze zien je als een autoriteit en ze hebben al kennis opgedaan. Want ja, hij is de schrijver van het boek. Op de één of andere manier heeft dat nog steeds een magische waarde.”

'Help! Ik moet spreken' van Otto Wijnen

Hoe en wanneer ben je begonnen, of ga je beginnen met de promotie van je boek?
“Ja, precies, wanneer ga je beginnen met de promotie? Ik heb de luxepositie dat dit najaar enorm bol staat van boekingen. Ik mag veel en vaak spreken, ik heb hele leuke klussen. Ik heb ervoor gekozen om de promotie van het boek nog even op een laag pitje te doen. Want, ja, ik heb een PA, maar ik ben in principe natuurlijk eenpitter. En ik wil in de eerste plaats mijn klanten goed bedienen, die mij als spreker boeken. En ik ga het boek meenemen en ik ga op social media ruchtbaarheid eraan geven, kleine dingetjes, maar echt een grote boeklancering, of een uitgebreide promotie met een tour of wat dan ook, dat vind ik vreselijk leuk om te doen, want ik heb dat eerder gedaan ook, een tour langs verschillende plaatsen. En dan je kennis delen bij ondernemersverenigingen bijvoorbeeld. Hartstikke gaaf, maar nu nog even niet. Volgend voorjaar misschien. Even rust nu.”

Maar heb je ook een PR-strategie in gedachten al?
“De PR-strategie die ik in gedachten heb, is het kanaal via de ondernemersverenigingen. Ik richt mij in eerste instantie op bevlogen professionals, ondernemers, ZZP’ers. En dat vind je vaak bij ondernemersverenigingen, bij dat soort netwerkorganisaties. En ik vind het leuk om daar naartoe te gaan, ik vind het leuk om met die mensen mijn kennis te delen en dat zijn ook de mensen die meteen de vertaalslag kunnen maken naar hun praktijk, omdat ze wat vaker dan een willekeurig iemand anders voor een groep staan. Dus wat ik wil doen is, ik ga die ondernemersvereniging aanschrijven, aanbieden: ik kom bij je spreken voor dat en dat bedrag, maar als je zoveel boekjes afneemt dan is het of lager of uiteindelijk voor niks. Als iemand duizend boekjes afneemt, nou, dan wil ik best voor niks komen spreken.”

Welke promotiemiddelen heb je ingezet en wat zijn je ervaringen daarmee?
“Nu eerst en vooral social media. Ik ben vrij actief op Twitter, daar deel ik mijn kennis, mijn presentatietips aan die en gene, aan tweeduizend volgers, dus dat is een bereik. Voor Nederlandse begrippen is dat, nou ja, je speelt een beetje mee. Langs die weg heb ik het gepromoot. En dat is vooralsnog alles. Dan gaat er binnenkort een nieuwsbrief uit naar 1.500 mensen. Daar wordt het in vermeld. Dat zijn tot nu toe de enige twee kanalen die ik heb gebruikt.”

Wat adviseer je auteurs in spe op het gebied van schrijven en promotie?
“Op het gebied van schrijven… dat is ook een beetje een tip die volgens mij van Yordy of Wouter zelf kwam: laat je interviewen. En laat de interviewer jouw gedachten goed kneden en rangschikken en dat jou aanleveren, dat je er doorheen kan lezen, dat je kan zeggen: “Oké, dit wel, dat niet.”, et cetera. En je hebt een boek. Dan ga je één middag zitten. Je laat iemand twee weken daaraan sleutelen. En je hebt in feite binnen een maand je boek geredigeerd, dan nog even wat vormgeving en dan kan je binnen twee maanden een boek uitgegeven hebben. En dat bespaart je dat lange traject, want voor mij is die drieënhalf jaar wel een ding geweest. Op een gegeven moment wordt het een slepend traject, van: oh ja, dat boek! Dat moet eigenlijk ook nog. Want natuurlijk wil je dat afhebben, mensen in je omgeving zeggen: ‘En? Hoe is het met je boek?’ ‘Ja, dat duurt nog even.’ Dus kort dat in, laat jezelf bevragen en laat het vormgeven en geef het uit, in korte tijd. Dat zou ik willen adviseren.”

Komt er nog een boek?
“Ja, zeker! Kijk als kennisleverancier, als kennisexpert, is een boek, is niet een boek. Dit is namelijk een onderdeel van een strategie. Je kan je uren maar één keer besteden, dus normaal gesproken als je geen boek zou hebben, dan zit je elke dag met één iemand te werken en daar mag je dan uurtje-factuurtje iets voor sturen. Dus wil je meer mensen helpen en je inkomsten vergroten, dan ga je trainingen geven. Nou, hoe krijg je die trainingen vol? Door grotere doelgroepen te bereiken met een, zoals ze dat mooi in Amerika zeggen, ‘entry product’. Iets wat tussen de nul en de laten we zeggen, vijftig, zestig euro kost. En daar past een boekje in. Ik heb daarom die prijs bewust wat laag gehouden, €18,75. Lage prijs, kunnen mensen makkelijk zeggen: “Ah, weet je wat, doe mij maar zo’n boekje.” Dit is voor mij geen boekje, dit is een papieren ambassadeur. Het wordt ook al cadeau gegeven aan anderen. Dus op die manier krijg ik een breder bereik. Waaruit mijn trainingen zo meteen gevuld gaan worden. En uit die trainingen verwacht ik dat mensen zich bij mij individueel willen laten coachen en waar speech writing-klussen uit komen. Dus op die manier is het het begin van een, ja, sales funnel, dat klinkt alsof je mensen als vee één kant op drijft, zo is het niet. Maar het is de eerste stap in de customer journey, om het dan zo maar te noemen. Ze leren mij kennen, je bouwt een relatie op via dat boek. En dan kunnen ze een keer persoonlijk kennis gaan maken in een training, of in een webinar online, et cetera. Dus zo stapje voor stapje, kom je uit op het punt waar mensen echt heel erg gemotiveerd zijn en heel erg duidelijk zijn van: “Ik wil met jou werken, maakt niet uit wat het kost.””

Wat zijn nou de twee, drie belangrijkste dingen die je doet?
“In Nederland zijn wij verstoken van goed onderwijs op het gebied van presenteren. Wij komen op de basisschool, wij nemen ons konijn mee, wij doen een spreekbeurt over ons konijn. Kennis die de meeste mensen eigenlijk al weten. En je krijgt een top, want je hebt het goed gedaan, je hebt een hoofd, een kop, een romp, een staart. Prachtig! En je hebt goed gearticuleerd. En daar is in feite ook niets mis mee, want zo begin je met leren spreken. Structuur, helder praten. Maar het frappante is dat je met diezelfde mindset de middelbare school doorloopt en het HBO of universitair en uiteindelijk kom je in het bedrijfsleven met eigenlijk weinig aanvulling daarop. Dus wij zijn nog steeds in feite een konijnenspreekbeurt aan het houden op het moment dat wij als professionals op het podium gaan staan. We gaan zenden. En de verandering die moet plaatsvinden op het moment dat je op niveau gaat spreken, of dat je mensen wilt bereiken, is dat je niet begint met zenden, je begint met te kijken: wie zit er in de zaal? Wat zijn hun grootste problemen, ambities, angsten en hoe kan ik met mijn vakkennis daarop aansluiten? Hoe kan ik hen helpen? En dat is mindshift één: je moet niet willen zenden, je moet luisteren. Een goede spreker heeft hele grote oren. De tweede verandering waar ik voor sta, is dat als je bij mensen binnen wilt komen, zullen zij jou moeten geloven. Ze moeten je aardig vinden. Het begint bij aardig vinden. En je kent waarschijnlijk de ‘golden circle’ van Simon Sinek, ‘start with why’. Dat gegeven, dat mensen moeten begrijpen waarom jij doet wat je doet. Als dat het geval is, dan staan mensen veel meer open voor wat je daarna te vertellen hebt. Dus als jij jouw bevlogenheid voor je onderwerp kunt overbrengen, dan is alles wat erna komt logisch, want ja, leuk, ik snap waar hij staat. Of misschien komt jouw reden wel vanuit een vervelend verhaal, je hebt een ziekte gehad. En door die ziekte heb je hele, heftige inzichten gekregen. Dan snap ik jouw waarom en dan ben ik bereid te luisteren. En dan ben ik ook bereid om mijn gedrag aan te passen, of informatie op te gaan doen of mijn leven te veranderen, op basis van de informatie die ik krijg. Dus de eerste verandering waar ik voor sta is begin met vragen te stellen, met je af te vragen wie zitten er in de zaal, wat zijn hun angsten, problemen, ambities en hoe kan ik daarbij helpen? Dan: wat is mijn waarom? Zit dat in mijn verhaal, kunnen ze ergens achterhalen waarom ik doe wat ik doe? En als je dan in staat bent om dat met echtheid, emotie en energie op het podium te delen, dan bereik je mensen.”

Meer weten?
Meer informatie over het boek ‘Help! Ik moet spreken’ van Otto Wijnen vind je op:
www.boekenbestellen.nl/boek/help-ik-moet-spreken/9789492182883